Debat 2018

(R)evolution@Work

 

Gezien het succes van de twee vorige edities, organiseerden we een nieuwe conferentie en debat, deze keer rond de toekomst van werk, de invloed van de robotisering en automatisering op de arbeidsmarkt, gevolgen ervan voor (bepaalde groepen) jongeren, ...

 

Dit jaar vond het debat plaats op 13 juni 2018 in BOZAR te Brussel.

Waarover ging het?

De robots komen eraan. Meer nog, ze zijn er eigenlijk al. En dit stemt velen somber over de toekomst van werk. Over hoeveel jobs de komende jaren precies zullen verdwijnen door de robotisering en automatisering, zijn onderzoekers het niet eens. Van het pessimistische 47% banenverlies dat Carl Frey en Michael Osborne in 2014 voorspelden, over onderzoekers die stellen dat het niet zo’n vaart zal lopen in die zin dat niet volledige jobs zullen verdwijnen maar ze hoogstens gedeeltelijk zullen geautomatiseerd worden, tot onderzoekers die vooral focussen op de vele jobs die zullen bijkomen door de automatisering. Vast staat dat robotisering en automatisering grote gevolgen zullen hebben voor de toekomstige arbeidsmarkt en samenleving.

Zelfs indien (alle) jobs niet zullen verdwijnen, zullen bepaalde groepen wel sterker de gevolgen dragen. Hoewel ook het werk van hoger opgeleiden in het geding kan komen, met name wanneer het routinewerk betreft, zijn vooral mensen met een middelbare en lagere opleiding kwetsbaar. Er lijkt zelfs al een patroon van arbeidspolarisatie aan de gang. De vraag naar middelbaar geschoold, cognitief routinewerk neemt af, terwijl de vraag naar hoogopgeleid en (in mindere mate) laaggeschoold werk stijgt. Vooral hogeropgeleiden lijken te profiteren van de IT-revolutie. Dit kan leiden tot ‘neerwaartse verdringing’ waarbij het middensegment gaat concurreren met de onderkant van de arbeidsmarkt en bijgevolg tot een druk op de lonen in dat segment. Daarmee dreigt een samenleving waarin het werk nog minder eerlijk zal verdeeld zijn dan het al was en hoogopgeleiden hun maatschappelijke positie nog kunnen verbeteren. Die toenemende ongelijkheid kan een groot gevaar zijn voor de sociale cohesie in de samenleving.

Het debat over de invloed van automatisering en robotisering mag daarom niet enkel gaan over de mate waarin dit al dan niet leidt tot minder arbeid, maar moet ook handelen over de invloed ervan op de organisatie en kwaliteit van de (nog bestaande, hervormde of gecreëerde) arbeid, de mogelijke ongelijkheden die hiermee gepaard gaan, en de maatschappelijke maatregelen die nodig zijn om deze ongelijkheden aan te pakken.

De gegenereerde inkomensongelijkheid zou (deels) via bestaande instituties en sociale zekerheidsregelingen gedempt kunnen worden (hoewel sommigen zich vragen stellen bij de mate waarin dit in de toekomst nog mogelijk zal zijn en menen dat er dringend nood is aan een hertekening van herverdelings- en belastingsystemen. Maar voor de kwaliteit van werk, en de zekerheid van het hebben van werk zouden instituties onvoldoende aangepast zijn. Nieuwe technologieën zouden immers  leiden tot de (sterkere) opkomst van flexibele werkvormen, waaraan jongeren en lager opgeleiden meer onderhevig zijn. Dit kan leiden tot een hogere (werk)onzekerheid en stress, een lagere sociale bescherming voor tegenslag in het leven, minder opleidingskansen op de werkvloer, … met andere woorden minder kansen voor (een deel van de) jongeren en minder opgeleiden om een goed leven op te bouwen (in termen van woning, gezin, gezondheid, pensioen…). Anderen beargumenteren bovendien dat de jobs die zullen bijkomen, niet passen bij degenen die hun job zullen verliezen en er dus een grote mismatch zal zijn tussen de huidige vaardigheden van bepaalde groepen (lager opgeleide) (jongere) werknemers en het aangeboden onderwijs enerzijds, de arbeidsmarkt van de toekomst anderzijds.

Enkele vragen die aan bod kwamen tijdens het debat :

  • Hoe creëren we een ‘inclusive society’ voor jongeren  en zorgen we ervoor dat de robot de sociale cohesie in de samenleving niet ondermijnt?
  • Wat doen we met jongeren die duurzaam in het flexibele arbeidscircuit belanden of niet (meer) mee kunnen?
  • Welke (opleidings)mogelijkheden geven we jongeren zowel op als buiten de werkvloer?
  • Wat kunnen we doen om ervoor te zorgen dat de baten van de digitalisering zo breed mogelijk gedeeld worden?
  • Hoe kunnen we ervoor zorgen dat de enorme winsten die in sommige sectoren/bedrijven zullen gemaakt worden niet leiden tot meer polarisatie in de samenleving, maar gebruikt kunnen worden om de verliezen elders te compenseren?

 

De sprekers:

Bas ter Weel

Bas ter Weel is sinds september 2016 algemeen directeur van SEO Economisch Onderzoek en hoogleraar economie aan de Universiteit van Amsterdam. Hiervoor was hij onder meer onderdirecteur van het Centraal Planbureau en hoogleraar economie aan de Universiteit Maastricht.

Hij heeft jarenlange ervaring als wetenschapper, beleidsonderzoeker, toezichthouder en adviseur. Zijn expertise bevindt zich onder meer op het terrein van de arbeidsmarkt, flexibilisering, sociale zekerheid en het onderwijs, maar ook op het terrein van innovatie en technologie, internationale betrekkingen en financiële markten.

Ter Weel geeft leiding aan uitdagende en complexe onderzoeksprojecten in opdracht van de Nederlandse overheid, internationale organisaties, toezichthouders en het bedrijfsleven. Onderzoek naar nieuwe ontwikkelingen, zoals de invloed van robotisering op de toekomst van werk, de noodzakelijke vaardigheden voor de toekomst, of de voordelen en valkuilen van flexibilisering, behoren tot zijn werkterrein. Ter Weel publiceert regelmatig in wetenschappelijke tijdschriften met gerenommeerde wetenschappers. Zijn bekendste werk heeft hij samen met Nobelprijswinnaar James Heckman verricht op het terrein van vroege ontwikkeling van kinderen en het belang van niet-cognitieve vaardigheden voor sociaaleconomisch succes. Daarnaast heeft hij onder andere gepubliceerd op het terrein van (sociale) innovatie en de effecten van ICT op de arbeidsmarkt.

Naast zijn werk bij SEO bekleedt Ter Weel een aantal nevenfuncties. Zo is hij onder andere kroonlid van de Sociaal Economische Raad (SER), toezichthouder bij scholengemeenschap PCBO te Apeldoorn, bestuurslid van de Koninklijke Vereniging voor de Staathuishoudkunde (KVS) en co-editor van De Economist. Daarnaast is hij research fellow bij het Tinbergen instituut, het IZA (Bonn), het ROA en NSI (Maastricht), en SKOPE (Oxford).

 

Monique Dagnaud

Monique Dagnaud is emeritus onderzoeksdirecteur aan het Institut Marcel Mauss van de CNRS (Centre National de la Recherche Scientifique) in Frankrijk. Ze onderwijst aan de École des Hautes Études en Sciences Sociales en in de professionele master van l’INA, en was docent aan l’Institut d’Études Politiques de Paris van 1977 tot 2008. Ze was lid van de Conseil Supérieur de l’Audiovisuel van 1991 tot 1999 en van de Conseil de surveillance du groupe Le Monde van 2005 tot 2010.

Ze is gespecialiseerd in alle aspecten van media en communicatie. Ze heeft ook een grote interesse in de cultuur van adolescenten en post-adolescenten. Ze verrichte verschillende onderzoeken over jongeren, hun culturele praktijken en de moeilijkheden die ze ondervinden om zich in de samenleving te integreren. Sinds 2008 exploreert ze de antropologische veranderingen die de internetsamenleving teweegbrengt, door in eerste instantie de nieuwe generaties te observeren. Dit leide in 2011 tot het boek «Génération Y, les jeunes et les réseaux sociaux : de la dérision à la subversion». Een nieuwe herwerkte versie verscheen in januari 2013.

Haar laatste boek  «Le modèle Californien, comment l’esprit collaboratif change le monde» werd in 2016 gepubliceerd. In dit boek exploreert ze de effecten en gevolgen van de digitale deeleconomie die is ontstaan in Californië. Gestoeld op samenwerking, gedeeld gebruik, innovatie en ondernemerschap, biedt deze nieuwe vorm van samenleven een beeld van een mogelijke toekomst voor de rest van de planeet. Ze wijst echter ook op de mogelijke gevaren van deze deeleconomie, die voornamelijk wordt opgezet door jonge hoogopgeleide stedelingen.

Monique Dagnaud schrijft regelmatig bijdragen op Telos-eu en Slate.fr en is tevens actief in organisaties ter bevordering van de integratie van jongeren.

Debat

Deze sprekers hebben hun visie over de thematiek met het publiek gedeeld en gereageerd op de standpunten van Jean-Claude Daoust, een Belgisch geëngageerd en visionair ondernemer, voorzitter van de Raad van Bestuur van Daoust Interim, en van Jochanan Eynikel, businessfilosoof en expert mensgericht ondernemen & toekomstdenken bij Etion (Forum voor geëngageerd ondernemen), auteur van ‘Robot aan het stuur’. Daarna beantwoordden zij vragen van het publiek.

Het debat werd gemodereerd door Han Renard (Knack) en Béatrice Delvaux (Le Soir).

Programma

Op 13 Juni 2018 van 18u tot 21u, in Rotonde Bertouille in het Paleis voor Schone Kunsten (BOZAR), Ravensteinstraat 23, 1000 Brussel.

18u: Onthaal met broodjes

18u30 : Inleiding door Olivier Servais, voorzitter van de Stichting P&V.

18u45 : Presentatie van Bas ter Weel

19u05 : Presentatie van Monique Dagnaud

19u25 : Eerste reactie door Jean-Claude Daoust

19u35 : Tweede reactie door Jochanan Eynikel

19u45 : Debat gemodereerd door Han Renard (Knack) en Béatrice Delvaux (Le Soir)

21u : Afsluiting van de conferentie met een receptie.

Simultane vertaling Nederlands-Frans.

Persoverzicht

"Deze artikels worden weergegeven met de toestemming van de uitgever, alle rechten voorbehouden. Elk daaropvolgend gebruik moet worden onderworpen aan een specifieke vergunning van de beheermaatschappij Copiepresse : info@copiepresse.be "

PowerPointpresentaties

Partners